Naar hoofdinhoud
Logo ROV Oost-Nederland

Tip: Veilig op pad? Mooi man!

  1. Anticipeer op je medeweggebruikers. Door goed om je heen te kijken en vooruit te denken, kun je ongelukken voorkomen. Als motorrijder moet je bedachtzaam zijn op het gedrag van medeweggebruikers, zodat je daar goed op kunt anticiperen. Hou er ook rekening mee dat andere weggebruikers je gemakkelijk over het hoofd kunnen zien of jouw snelheid slecht kunnen inschatten.
  2. Zorg dat je goed zichtbaar bent. Rij zoveel mogelijk op plekken waar je goed zichtbaar bent voor andere weggebruikers. Zorg er ook voor dat je zelf goed zicht hebt. Wees altijd op je hoede en bewaar genoeg afstand.
    Als je schuin achter iemand rijdt, zorg dan dat je de bestuurder van die auto in z'n spiegel kunt zien. Dan ziet hij jou ook als hij zijn spiegel gebruikt.
  3. Check voor vertrek de remmen. Zonder goed werkende remmen kun je niet veilig met de motor op pad. Check daarom vóór vertrek of je remmen goed werken. Bekijk ook regelmatig of de remblokjes nog dik genoeg zijn en of er voldoende remvloeistof in de reservoirs zit. Laat het vervangen of bijvullen van de remvloeistof aan een expert over.
  4. Rij met goede verlichting. Goede verlichting is belangrijk om in alle rijomstandigheden goed voor je te kunnen kijken. Rij altijd met je licht aan, ook overdag. Zo zien andere weggebruikers jou beter. Controleer je verlichting, remlicht én je knipperlichten voordat je gaat rijden.
  5. Check de bandenspanning. Check regelmatig de bandenspanning van je motor. Deze loopt langzaam terug, ook als je niet rijdt. Een goede bandenspanning zorgt voor beter stuurgedrag, een betere wegligging, een kortere remweg én een langere levensduur van je banden. Controleer de banden ook op ingereden spijkers of andere problemen.
  6. Draag opvallende en beschermende kleding. Of het nu zomer of winter, warm of koud is; trek een goed beschermend motorpak aan. Kleding met reflecterend materiaal vergroot je zichtbaarheid. Geen zin in een 'echt' motorpak? Er is een grote keuze aan speciale motorjeans, -hoodies en andere casual motorkleding. Draag speciale motorlaarzen of schoenen met protectie op de juiste plaatsen. Dit geldt ook voor je handschoenen.
    Een helm is natuurlijk verplicht. Zorg dat je helm de juiste bescherming biedt. Koop geen gebruikte helm. Ook al lijkt een helm aan de buitenkant nog goed, je weet niet wat er mee is gebeurd. De schokdemping neemt na een valpartij af.
  7. Controleer de schokdempers. De vering van je motor is van groot belang voor je contact met de weg. Duw je motor even diep in de veren. Blijft hij nadeinen als hij weer omhoogkomt? Dan staat je demping misschien te zacht of kunnen je schokbrekers lek of versleten zijn. Laat de vering checken door een expert.
  8. Kijk vooruit, ook bij lage snelheden. Kijk altijd naar het punt waar je naartoe wilt. Bij dreigend gevaar kun je de neiging hebben om naar dat gevaar te kijken, maar daar wil je natuurlijk niet naartoe. Kijk nooit naar beneden, zeker niet als je moet remmen.
  9. Oefen regelmatig met sturen en remmen. Na een lange tijd niet te hebben gereden, ben je het niet meteen verleerd. Maar het rijden is wel weer even wennen. Doe het kalm aan, zeker in het begin. Maak wat oefenritjes op wegen die je kent, en zoek een lege parkeerplaats om noodstops te oefenen. Bouw het motorrijden in het voorjaar rustig weer op.